Wouter Planteijdt – Bullhorn

Herinner je je het powerrock trio Sjako! uit Haarlem nog, de band rondom zanger/gitarist Wouter Planteijdt. Nadat het trio een muzikale rondreis had gemaakt om het jubileumalbum The 10th te vieren, besloot Planteijdt ook weer eens op eigen houtje een album op te nemen, samen met contrabassist Gerco Aerts en drummer Mischa Porte. Kennelijk nodig, want volgens Planteijdt lazerden de liedjes voor de nieuwe plaat Bullhorn uit het plafond van zijn werkkamer. Hoeveel urgentie moet je als muzikant voelen. Alle nummers werden live en akoestisch ingespeeld en dat is te horen. Alles wat je op Bullhorn hoort is dus echt, zonder dubs en dat maakt het album uiterst authentiek en relevant. Dat Planteijdt een begenadigd liedjesschrijver is, wisten we al, maar dat hij met minimale middelen en maximale inzet dit album de wereld in slingert, mogen we gerust een verademing noemen. Wees op je hoede voor verslaving, want na één draaibeurt smaakt Bullhorn naar meer en naar meer en naar meer.

Advertenties

Suzy V – Sound of the sea

Suzy V werd geboren op Sicilië en groeide op in Amsterdam. Op haar debuutalbum Sound Of The Sea mixt ze folk van haar geboorte-eiland met een moderne, Amsterdamse singer-songwriterstijl. Het levert een goed en gevarieerd album op dat je onder meer meeneemt langs het dansbare en springerige Storm Inside tot de afsluitende uitvaartballade Fall, waarin Suzy V een maximale dosis weemoed en nostalgie stak. Somebody Just Like You en June klinken vervolgens verrassend poppy, maar op Blinded By Your Love en het walsende titelnummer Sound Of the Sea slaat de mineur weer toe, zonder zwaar of overbeladen te worden. De magie zit ‘m in de overtuiging, in de maximale wil het publiek te verwennen met mooie muziek. Natuurlijk is het even schakelen van de wiegende opener Gone Tomorrownaar het radiobestendige Island Of Love, maar in al zijn afwisseling vormt Sound Of The Sea een betoverende eenheid.

Litzberg – In my head

Soms vervult het je met gepaste trots wanneer je nieuwe Nederlandse bandjes mag ontdekken en er wat van mag vinden. Koptelefoon op, plussen en minnen wikken en wegen. De laatste paar dagen loop ik met het hoofd licht mee wiegend en met een grijns van oor tot oor, ook door het park en de supermarkt, luisterend naar het debuutalbum In My Head van de Nederlandse band Litzberg. Tekstschrijver, songwriter en brein Mathijs Peeters fabriceerde, veelal met popbandbezetting, een plaat die schuurt en tegelijkertijd zachtheid produceert. Een gevoel van geluk en ongemak, maar altijd met een positief resultaat. Luister maar eens naar Hollow Man, waarop je dezelfde angstsfeer voelt als wanneer je naar een arthouse thriller kijkt. Ook wanneer de voet iets van het gaspedaal afgaat (Stories en met name Hide N Gone), dan zorgt het rafelrandje voor een prikkeling. Een album om te koesteren.

Klone – Le grande voyage

Doommetal. Anathema. Symfonische rock. Zomaar wat termen die te binnen schieten wanneer je het nieuwe album van Klone luistert. Want de Franse, voormalige atmosferische rockers begonnen hun loopbaan net na de eeuwwisseling met een overdosis pokkenherrie van het somberste soort. Plaat na plaat zocht het trio steeds meer de melodie, op weg naar melodische luistermuziek in plaats van vier containers betonblokken die van een vrachtwagen vallen. Het transitieproces van Klone verliep ongeveer in hetzelfde tempo als van labelgenoten Anathema. En nu, in 2019, lijkt het pad voltooid en krijgt én verdient Klone eindelijk het stempel symfonische rock. En dan ook nog eens van een ingetogen soort. Eigenlijk is Le Grande Voyage een ode aan de symfonische ballade; het tempo blijft laag, de tempowisselingen zijn minimaal en nagenoeg nergens gaat het gas erop. Maar onder de streep rest een wonderschoon album, keer op keer ontdek je een nieuwe laag en van de stem van Yann Ligner kun je als liefhebber van het genre alleen maar dromen. Het duurde een jaar of 15, maar met dit album heeft Klone de potentie een blijvertje te zijn in de symfonische rock.

Homegrown – Aidan & The Wild

Al heel wat jaren volg ik singer-songwriter Diederik van den Brandt als muzikant. Waar hij in de beginfase vooral opviel door zijn vingervlugge gitaarspel, waarbij hij zijn instrument ook voor het ritme gebruikte, groeide de Eindhovenaar in rap tempo door tot een volwaardige muzikant. Een begenadigd songwriter, een prettig in het gehoor liggende, controlerende zanger. Onder de singer-songwriteralias Aidan & The Wild is het voorlopige eindstation van zijn ontwikkeling de EP ‘Homegrown’, die de kwalificatie ‘vijf sterren-voer voor het oor’ meer dan verdient. Een soloproject, waarop Aidan vrijwel alles schreef, inspeelde, opnam en produceerde. Alleen voor de eindmix en de mastering werkte hij samen met Wessel Oltheten, die eerder samenwerkte met onder anderen Blaudzun, Tim Knol en Bertolf. Uit alles blijkt de passie, de honderden uren investering, de ongeremde liefde voor muziek en de tomeloze urgentie om dat met zijn luisteraars te delen. Iedere laag is raak, alle noten meanderen als een rustgevend bergbeekje je oren binnen, de melodieën houden je aandacht zes nummers lang 100% vast. In de hausse aan indiefolk/americana-albums verdient de EP ‘Homegrown’ van Aidan & The Wild een vorstelijke plek.

The Slow Show – Lust and learn

Je kunt van The Slow Show vinden wat je wilt, maar dat de band rake melodieën weet te produceren staat buiten kijf. Ze maakten het zichzelf aanvankelijk verre van gemakkelijk door met hun bandnaam te verwijzen naar een nummer van The National en daar openlijk voor uit te komen. Dat schept oneerlijke verwachtingen waardoor de elitepers de eerste twee albums White Water en Dream Darling tot de grond toe afbrandde en ze bijvoorbeeld ‘pathospop voor tieners’ noemde. Natuurlijk, de muziek van The Slow Show verwijst naar die van The National: donker, melodieus en vooral de donkere, vaak kreunende stem van zanger Rob Goodwin roept vergelijkingen op met National-zanger Matt Berninger. Alleen kiest The Slow Show voor een breder publiek, met toegankelijker melodielijnen. En daarin zet de band op het derde album Lust And Learn duidelijk weer een aantal stappen vooruit. Niet dat de Britten een andere weg in zijn geslagen, de bekende The Slow Show-sound zit er nog altijd in. De diepgang zit ‘m in de nauwkeuriger uitgewerkte melodieën en de liefdevolle productie. En ja, de melancholie spat er weer vanaf. Het licht gaat af en toe uit, maar er gloort altijd weer licht aan het einde van de tunnel. Hoop en hoopvolle vooruitzichten. Hoogtepunten? Het koor in het weemoedige Low stuwt de tranen omhoog en van de instrumentale opener Amend zouden neoklassiek pianisten Dustin O’Halloran of Nils Frahm zich geen seconde schamen. Dus genoeg over de vergelijkingen met The National. The Slow Show is The Slow Show en hun derde plaat is schitterend.

 

Keane – Cause and effect

De fysieke en mentale toestand van Keane-zanger Tom Chaplin verdrijft met enige regelmaat het nieuws rondom nieuwe muziek van zijn band. Het schijnt dat Chaplin zijn drank- en drugszaken weer (even?) op de rails heeft, gelukkig maar, want dan komt ook zijn band Keane weer bovendrijven met nieuwe muziek: het zevende album Cause and Effect. De vernieuwing van de beginjaren is er wel vanaf, maar de sobere en heldere sound zonder gitaren blijft een genot om naar te luisteren. Ook al krijg je af en toe een heb-ik-al-eens-gehoord belevening, de muziek van Keane is en blijft prettig poppy en aangenaam toegankelijk, met Put The Radio On en Stupid Things als meest in het oor springende nummers. De hoogtijdagen van de eerste twee albums zijn helaas een beetje voorbij, maar met Cause and Effect geeft Keane na zeven jaar eindelijk weer een positief muzikaal teken van leven. En dat mogen we ook gewoon koesteren.